Home Jachtvogels (NL)

Slechtvalk algemeen

Kenmerken:
Vrouwtje 46-51 centimeter, spanwijdte 80-100 centimeter. Vrouwtje zo groot als een buizerd, maar met smalle staart: mannetje kleiner. Bovenkant donkerblauw/leigrijs, achterkant rug lichter. Duidelijk zwarte baardstreep. Onderkant relatief smalle dwarsbanden; wangen en keel contrasterend wit, bij volwassen mannetjes ook voorkant borst. Jonge vogels daarentegen bovenkant donkerbruin, onderkant krachtige lengtestrepen op leemkleurige of witte ondergrond. Verwarring mogelijk met sakervalk en boomvalk. Poten bij volwassen vogels geel, bij jonge vogels vaal groengeel.
Leefgebied:
Vrijwel wereldwijd, om dat zijn eisen wat betreft het leefgebied gering zijn. Hij heeft vrije vlaktes nodig om in de lucht op vogels te kunnen jagen, en vrij toegankelijke broedplaatsen
Voedsel:
Allerlei vogels en afhankelijk van het aanbod zelfs reigers. Vangt bijna uitsluitend vliegende vogels, die hij ontdekt vanaf een zitpost. Hij bereikt tijdens de jacht over grotere afstanden een snelheid tot wel 380 kilometer per uur. Prooien die laten vallen vlak voor dat ze worden gegrepen, kunnen zich redden omdat de slechtvalk niet zo snel kan remmen en wenden. In Belgiƫ en Nederland vormen verwilderde (stads)duiven het hoofdvoedsel, vooral als de nestkast zich in of nabij een stadscentrum bevindt.
Voortplanting:
Broed op rotsen, in gebouwen (in kerktorens, op hoge masten en fabrieksschoorstenen) en in bomen; in het noorden en noordoosten van Europa ook op de grond in hoogveen. Legsel meestal 3-4 eieren. Beide ouders broeden 29-32 dagen. Nesttijd 35-45 dagen. De eerste 20 dagen brengt het mannetje de prooi, het vrouwtje blijft op het nest. Daarna jagen en bewaken beide ouders. Het begeleiden van de jongen duurt ongeveer twee maanden.