Communiqué

Hieronder treft u de officiële reactie van het Nationaal Overleg Valkerij Organisaties op alle ophef die ontstaan is op een openbaar internetforum.

Hieronder treft u de officiële reactie van het Nationaal Overleg Valkerij Organisaties, kortweg het NOVO, op alle ophef die ontstaan is op een openbaar internetforum.
Het valt niet onder de normale manier van communiceren van dit orgaan om haar functioneren toe te lichten op een dergelijke plaats, maar wij zijn van mening dat het in deze goed is eenmalig tekst en uitleg te geven en de feiten op een rijtje te zetten, aan die mensen die niet lid zijn van één van de verenigingen welke zijn aangesloten bij het NOVO.

Rond 2002 is op initiatief van Willem Vrijenhoek, toen net voorzitter van de nieuw opgerichte Orde der Nederlandse Valkeniers, toenadering gezocht met de toen bestaande valkeniersverenigingen in Nederland. Dit resulteerde in een constructief gesprek met Valkeniersverbond Adriaan Mollen en de Valkerij Equipage Jacoba van Beieren en de Orde der Nederlandse Valkeniers. De toen nog bestaande VVN was ook bij dit gesprek aanwezig. Later is deze vereniging door te weinig gestructureerde samenwerking binnen de eigen vereniging uit het overleg gestapt (en niet veel later ter ziele gegaan).

Door de afgevaardigden (twee van elke vereniging) is toen afgesproken dat er eerst gekeken zou worden naar de overeenkomsten van de verenigingen en daarna zouden we verschillen of andere inzichten van alle kanten bekijken met open vizier. Dat betekende dat er verwacht werd van betrokken verenigingen dat er op sommige punten concessies gedaan moesten kunnen worden.

Gaandeweg kwam er steeds meer structuur binnen het overleg en men vond overeenstemming op de verschillende standpunten en schaarde zich hier als één club achter. Volgende stap was de politiek: hiertoe werd contact gezocht met Tweede Kamerparlementari�rs om voor behoud van de valkerij te pleiten. Op hun verzoek is toen contact gezocht met de ambtenaren van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit (LNV). Uit deze toenadering kwam een gesprek tot stand met daarin vertegenwoordigd de Algemene Inspectie Dienst (AID), de Directie Dienst Regelingen (waar zowel CITES, als de afdeling zetelt waar de valkerijaktes worden verleend) en de afdeling Bestuurlijke Zaken.
In deze bespreking werden de struikelblokken besproken waar de valkeniers tegen aan liepen.

Enkele voorbeelden hiervan;
- het feit dat een valkeniersakte in het begin leek op een gestencild A4tje;
- hoe om te gaan met een weggevlogen vogel die ingevangen dient te worden;
- hoe dient er DNA afgenomen te worden bij een Havik door bv de AID.

Het NOVO was en is van mening dat dit overal in den lande hetzelfde diende te gebeuren of dit nu in Friesland of in Limburg was. Gelet hierop is er een DNA protocol vastgesteld zodat een ieder weet waar hij of zij aan toe is. Dit en nog veel meer zaken zijn inmiddels geregeld, echter wel uit het oogpunt van de valkenier met een valkeniersakte.

De valkerijverenigingen kregen geleidelijk voet aan de grond; zij het zeer moeilijk. Om ervoor te zorgen dat het overleg tussen de valkerijverenigingen werd gezien als één, is toen het Nationaal Overleg Valkerij Organisaties, kortweg het NOVO opgericht. In eerste instantie om naar buiten op te treden als één gezicht. Later is hier veel meer bijgekomen, dit werd veroorzaakt door verschillende zaken. Financiën moesten geregeld worden en contacten moesten worden gelegd, niet alleen op het gebied van de ambtenaren maar ook bijvoorbeeld met instanties zoals de Vogelbescherming en de Stichting Flora&Faunawetexamens (STIFF). Ook heeft het NOVO in een aparte werkgroep geprobeerd om de "valkerij" in het kader van cultureel erfgoed te laten aanmerken door de UNESCO. Dit traject is nu bijna afgerond. Dit betekent dat, indien wordt erkend dat de valkerij cultureel erfgoed is, zal de valkerij in Nederland een beschermde status zal krijgen en niet zonder meer kan worden verboden. Om dit allemaal te kunnen bewerkstelligen is geld nodig. Dit alles is door de leden van de drie verenigingen opgebracht omdat we denken dat dit een goede investering is in de toekomst van de valkerij. Om deze investering te waarborgen is het NOVO destijds opgegaan in een stichting.

Wat is er bereikt door het NOVO
Net toen de stichting eenmaal een feit was heeft de minister van LNV in een toespraak bij de heropening van het Valkerijmuseum te Valkenswaard een aantal toezeggingen gedaan. Eén van die toezeggingen was, uitbreiding van het aantal vogels waarmee men in het veld mag komen en waarmee gejaagd mag worden. Het NOVO heeft de ambtenaren herhaaldelijk gevraagd wat deze uitbreiding nu precies inhield. Het antwoord was dat tijdens de behandeling van de evaluatie van de F&F-wet deze uitbreiding aan de orde zou komen. Voor deze evaluatie heeft het NOVO ook een uitnodiging gekregen, echter door het vallen van het kabinet en de lopende onderhandelingen is het één en ander helaas stil komen te staan.

Naast de toezegging van de minister is er ook een dringend beroep gedaan op het NOVO om de opleiding voor de valkeniersakte op orde te brengen. In artikel 12 lid 2 van de F&F-wet wordt de stageperiode genoemd. Begrijpelijk is dat wanneer er een beoordelingsrapport of een vergelijkbare verklaring moet worden afgetekend dit niet mogelijk is als men niet weet wat een aspirant daadwerkelijk heeft doorlopen aan stage. Naast het op orde brengen van de opleiding, moest er een structureel overleg plaatsvinden met de medegebruikers van onze natuur in dit geval de Vogelbescherming. Ook moest de valkerij zich openlijk distantiëren van de excessen en de roofvogelvervolging. Dit is dan ook binnen de huishoudelijke reglementen van de aangesloten verenigingen van het NOVO opgenomen en eventuele misstanden worden gerapporteerd en de veroorzakers hiervan binnen de verenigingen worden geroyeerd. Meermaals is door de minister geappelleerd aan deze oproep en daar is ook gehoor aan gegeven door het NOVO.

Binnen het overleg met ambtenaren van LNV en de AID is door deze dames en heren aangeven dat er in hun ogen nog twee andere zaken aandacht behoeven. Namelijk het 'vrij vliegen' van mensen met roofvogels en de roofvogeldemonstraties.
De minister gaf aan bezorgd te zijn over de hoeveelheid mensen die zich met een roofvogel in het veld begeven zonder een valkeniersakte en zonder een ontheffing voor het onder je hebben van jachtvogels in het veld.
De AID heeft hier verschillende malen voor verbaliseert en het begrip "veld" is zeer ruim uit te leggen. In het veld komen mag dus alleen met havik en Slechtvalk als je een ontheffing hiervoor hebt. Deze ontheffing betreft "Het onder zich hebben van gefokte exemplaren van slechtvalk en/of de havik in het veld" dit gelet op artikel 75 van de Flora- en Faunawet. Het NOVO heeft ook gesteld dat zij niet verantwoordelijk kan worden gehouden voor deze "vliegers"

Naast het vertoeven in het veld, is het geven van roofvogeldemonstraties ook steeds meer in zwang geraakt. De kwalitatief goede demonstraties daargelaten, is het NOVO gewezen op misstanden welke openlijk te zien zijn en waren op het internet. Wij als NOVO hebben ons hiervan gedistantieerd omdat dit niets met valkerij te maken heeft. Mede naar aanleiding van deze excessen heeft de vogelbescherming gemeend om een onderzoek te moeten laten uitvoeren met betrekking op roofvogel- en uilenshows. Voor het onderzoek is ook het NOVO benaderd. De zaken die het NOVO bij dit onderzoek in heeft gebracht zijn;

  • dat bij het NOVO ook misstanden bekend zijn omtrent deze shows
  • dat het NOVO in principe alleen over de jacht met en de huisvesting van havik en slechtvalk inhoudelijk commentaar kan geven.
  • dat het NOVO het wel eens is met verschillende conclusies in het rapport.

Het NOVO en KWA
Nu het NOVO haar draai heeft gevonden is zij op vrijdag 3 februari 2009 benaderd door een advocatenkantoor met de mededeling dat de vrije valkeniersvereniging Koning Willem Alexander (KWA) graag toegevoegd wil worden bij het NOVO. De Stichting Flora- en Faunawetexamens heeft aan de KWA doen weten dat het de vereniging vrijstaat om zich bij het NOVO aan te sluiten, en dat hieraan géén beperkende voorwaarden zijn verbonden en dat het sturen van een schriftelijke mededeling dat men zich bij NOVO wenst aan te sluiten, hiervoor voldoende is. Echter het is niet aan de Stichting Flora- en Faunawetexamens om te bepalen hoe lid te worden van het NOVO.

Er staat namelijk in de statuten dat het NOVO bestaat uit een drietal verenigingen en zich het volgende ten doel heeft gesteld.

  • het behouden en bevorderen van de jacht met jachtvogels
  • het vertegenwoordigen van de aangesloten organisaties in de richting van politiek en overheid
  • het namens de aangesloten organisaties verzorgen van de externe communicatie
  • het verzorgen, al dan niet gezamenlijk, van aspirantendagen
  • het organiseren van examenondersteuning aan de Stichting Flora en Faunawetexamens of enig rechtsopvolger daarvan
  • het deelnemen aan vergaderingen van de International Association Falconery (IAF)
  • het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn

Geen bijzondere zaken op zich, het antwoord van het NOVO op de aanmelding is dan ook geweest:

"De stichting NOVO niet ingaat op de aanmelding als zodanig. Daarnaast kan het K.W.A. niet bij het NOVO aangesloten worden, omdat men aangegeven heeft zich niet thuis voelen bij één van de bestaande verenigingen en met de vrije valkeniersvereniging KWA een eigen koers willen varen. Als u desondanks toch contact wenst, wil ik de mogelijkheid open laten om met de drie voorzitters van de aangesloten verenigingen van gedachte te wisselen".

Die eigen koers willen we nu net voorkomen. We willen met één stem naar buiten toe treden en geen herrie meer in de tent hebben over valkerijzaken. Van de handreiking van het NOVO om eens te praten over een aantal zaken is geen gebruik van gemaakt door KWA.

Hierop is niet meer gereageerd door één van de betrokkenen ook niet door het advocatenkantoor. Wel vreemd dat men zich aanmeld middels een advocatenkantoor. Door het NOVO is dus wel degelijk de deur open gezet, echter hier is geen gebruik van gemaakt.

Resumé
In onze contacten met de Vogelbescherming en gezien de toezeggingen aan, en eisen van de minister van LNV, kun je niet anders dan aangeven dat het NOVO de belangen behartigt van drie valkeniersverenigingen welke bovengenoemde doelen onderschrijven en welke garant staan voor het behoud van de valkerij, de jacht met roofvogels.
Zij heeft, vaak genoegen moeten nemend met minimale stapjes, zich ingespannen om de wetgeving en de beleidsmakers ten gunste van de valkerij te laten zijn.

Na het arrest van Vergy uit 1996, kan een ieder een roofvogel aanschaffen, zolang de vogel maar is voorzien van een gesloten pootring (gefokt exemplaar) en voorzien is van de juiste papieren (CITES).
Het resultaat is dat veel mensen een roofvogel aanschaffen en totaal niet op de hoogte zijn van de behoeftes van zo'n vogel of de juiste verzorging en huisvesting. Met regelmaat ontsnappen er vogels met als gevolg veel (negatieve) publiciteit. Steevast wordt hierbij over 'valkeniers' gesproken, wat dus de echte valkeniers, geheel onterecht, veel negatieve publiciteit oplevert. Het NOVO is niet blij met een dergelijke ontwikkeling.

'Vliegeraars' en demonstratiebedrijven vallen niet onder het begrip 'valkenier', aangezien zij niet de doelstelling hebben om de jacht te beoefenen met vogels.
Hun belangen, worden nu dan ook niet behartigd door het NOVO, hoe spijtig dan ook, gezien de statutaire doelstelling van het NOVO kan men dat echter niet zomaar verwachten, want natuurlijk zien wij dat er velen bijzonder goed met hun vogels omgaan.

NOVO doet haar uiterste best om de valkerij, -zoals nu door de wetgever is toegestaan- te blijven behouden en dit zullen wij ook met alle overtuiging naar en inzet van onze leden blijven doen.
Het is dan ook niet aan het NOVO, maar aan de aangesloten verenigingen om met haar leden in discussie te gaan over de bovengenoemde onderwerpen.
In deze verenigingen vindt u een verscheidenheid aan mensen met enorm veel ervaring.
Het NOVO is er van overtuigd dat u in hen midden een luisterend oor vindt voor veel van uw vragen.